Bench

Standard

Wt doet een mens op de bank als er niets te doen is?
Foto’s, dEUS, niks.
En nadenken over het leven en het nut ervan.

Maar!
Misschien wordt het leven vanaf morgen weer geregeld door het echte wekleven: opdrachtje in’t verschiet voor de komende zeven wrkdagen…

Social network tool

Standard

Er werd al wat over getwitterd en plots duikt dat dan ook op: een social network bundlle tool. 8hands is de naam, groot is de belofte.

Supported networks:

Coming soon:

Wat mij altijd tegenhield om een myspace account te openen, vervliegt nu als sneeuw voor de zon.
Als het ding doet wat men zegt, groeit het binnen de kortste keren nog wel een pak. Elke social tool die kan worden beheerd vanuit één plaatsje.

Het zou helemaal mooi zijn als het nu een online applicatietje zou zijn zodat het vanop elke pc te gebruiken is…

UPDATE: 8hands reeds weggeflikkerd en vervangen door socialthing.com. Thx @scharre

De laatste dag

Standard

De laatste dag in Nederland voor het werk.
Het was een korte opdracht (vier weken) en een rukeind om te rijden elke dag: 130km enkel.
Echt, de afstand en de verloren tijd zijn helaas de reden waarom ik dit nooit meer wil doen. Want laat me eerlijk wezen: het is hartstikke gesjellig in Mestrich.

En laatste dag, dat betekent trakteren.
Toen ik zonet naar hier reed, ben ik bij verschillende bakkers gestopt om een vlaai te halen, maar geen enkele bakker was reeds wakker.

Dan maar op z’n Hollands: een blokje cola en zes rietjes…

Chief conversation

Standard

Ik had van de week een overlegje met de grote chef van onze boite. Niet van de hele ITbedrijfsnest: hij deelt enkel (nu ja) de lakens uit in de testafdeling.
En hij doet dat goed.

Niettegenstaande had ik er vorige week een e=mailgewijze aanvaring mee.
Verschillend standpunt, ander uitgangspunt: miserie bij voorbaat. ‘t Leek er even echt bovenarms op te gaan zitten, zo leek het voor mij althans.

Want als er iets is dat niet werkt, dan is het heen en weer mailen met verschillende standpunten. Er wordt al snel naast elkaar gecommuniceerd en het durft al eens gebeuren dat er met spek geschoten wordt in zulk een situatie. Niet tof.

Gelukkig wisten we een professioneel staakt het vuren te regelen en onderhandelingen van man tot man te starten. Niets zo goed als face to face uitgesproken gedachten.

Logisch dat we van mening verschillen: we vervullen beiden een verschillende rol binnen het bedrijf. Een minimum aan empathie wekt echter een maximum aan sympathie op: als je de gesprekspartner al probeert te begrijpen, kom je echt al een pak verder.

En wij, wij kwamen verder.
Het is fijn om professionele relaties op een professionele manier af te sluiten.
Succes in de rest van het leven en tot in den draai!

Geen werk is erger dan teveel werk

Standard

Sinds zeven uur vanochtend zit ik in een verre stad in een buurland aan een bureau. Ik ben omringd met vijf gloednieuwe mobiele telefoons die allen getest dienen te worden.

Helaas.
Testnetwerken van mobiele telefoons zijn in hetzelfde bedje ziek als testnetwerken van computers: constant down.
En dus was het takenpakket om half acht al volledig opgesoupeerd.

Ik kan u vertellen: da’s niet prettig.
Vooral niet als er verder niets is waarmee je je nuttig kan/mag bezighouden.
De werkdagen van acht uur worden op deze manier echt wel heel lang. Reken daar nog een vier uur durende tocht aan nutteloze woonwerkverkeerkilometers bij en er blijft niet zoveel tijd over om een sociaal leven op/uit te bouwen, te sporten, te lezen en plezante dingen te doen.

En nu, nu ben ik het dus echt beu.

Dropkick Murphys: Oi!

Standard

Enkele jaren geleden zag ik de Dropkick Murphys op Pukkelpop en in Hof ter Loo.
Daarna zag ik ze nog eens op Werchter.
En gisteren zag ik ze in de AB.

Het gevoel van weleer maakte zich volledig meester van me: kippevel bij The Foggy Dew, rilligen bij de eerste gitaarberoeringen.
Al Bar en de zijnen wisten er weer een feest van te maken zoals dat hoort.
Alle vrouwen op het podium, iedereen op het podium, aanmoedigen van stagedivers (“het is hier precies een zwembad”, wist mijn compagnon me te melden) en retestrakke folkpunk.

Oude nummers, klassiekers en nieuw werk.
Het was een schone mix en zoals altijd veel te vroeg gedaan.
Maar toch: Oi!

Normandië

Standard

Uitslapen in de weekends is er tegenwoordig niet meer bij. De ene keer omdat er om negen uur al van Chiro moet gedaan worden, de andere keer omdat er een reis gemaakt moest worden. Normandië was het reisdoel, dichter bij elkaar komen was de bedoeling.
Beiden zijn gelukt, het tweede iets organischer dan het eerste.
Zo was er een beetje een probleem qua route: de weg naar Amiens is niet dezelfde als die naar Parijs. Stom van me natuurlijk. Gelukkig wist de copiloot er een deftige oplosing aan te geven. GPS? Nee dank u. Geef mij maar een wegenboek uit de jaren tachtig met een fijn vrouwtje om het ding voor te lezen. Dat ik er de stem van Kim Hollander dan niet bijkrijg, is niet zo heel erg. Dat we er dan uiteindelijk toch geraakten, ligt volledig aan de goede wegbeschrijving en dito interpretatie. Denkwerk en logische verbanden, jawel!

Na een eerste koffiepauze (de aires in Frankrijk nodigen gewoon uit om even halt te houden) gaf de auto aan dat ie oliedorst heeft. Tja, volgende parking olie gekocht, bijgekapt en gas gegeven. Welke olie? Motorolie. Ja, maar voor welk type auto. Een blauwe. En dus kregen we een bijpassend olie kleurtje… Het ding rijdt nog steeds, dus zo slecht zal het wel niet geweest zijn.
Daarna in een ruk door naar Honfleur.
Gezellig stadje, gezellig marktje en een gezellig restaurantje.

Het volledige zeebanket (oester inclusief) werd met een glas witte wijn doorgespoeld. Wanneer we na anderhalf uur weer buiten staan, schijnt de zon. Plots is het stadje nog gezelliger en zijn wij ook nog blijer gezind.
Alle foto’s (vanavond online) worden opnieuw genomen, helaas merkte ik gisteren dat de focus regelmatig verkeerd lag. Verdorie! Echt jammer en vervelend.

We zetten de autowandeling verder naar Etretat waar we om half zes toekomen. Dit klinkt laat maar! Leve het zomeruur! Wandelen over het keienstrand, klimmen naar de top van de clif, kruipen door de grot (hoe zot is da? Een grot uit de tijd van de oorlog en al…) en genieten van de zonsondergang. Wat moet er nog meer zijn?
Een spookstation wordt onze camping voor een nacht. De luchtmatras wordt hard geblazen in de auto, er worden boterhammetjes gesmuld en wanneer de zon volledig achter de horizon is verdwenen, verdwijnen ook wijn onder de wol. En die wol, die is nodig! Want Vriezepieter sluipt rond de auto (en houdt de andere spoken weg) en bijt bijna in onze neus. Een beetje regen maakt het geheel nog gezelliger en na een stevige en deugddoende nachtrust kan de zondag aangevat worden.

Zonnestralen maken na het ontbijt al snel plaats voor donkere wolken vol neerslag.
Fecamp wordt dan ook nogal nat beleefd. Ook hier zijn de restaurantjes lekker en niet te duur. De namiddagzuren bewijzen helaas dat er geen light room werd gebruikt: allebei mottig als een krab.

Cap Gris Nez en het Blanc broertje staan op het programma voor de namiddag, maar het weer slaat lichtjes om: van de regen in de sneeuwval.
Als we ter hoogte van Les Deux Caps passeren, ligt er rondom ons een laagje van 10 sneeuwse centimeters. Mooi, dat wel.
Het geeft geen veilig gevoel om in de vieze brij te rijden, maar stoppen is ook niet echt een optie: sleeën is enkel fijn als het gepland is…

Besluit van het weekend: Normandië is beestig schoon, lekker en gezellig.
Het smaakt in elk geval naar meer!

Web x.0

Standard

Sinds een jaar of vier leid ik een leventje op het internet.
Eerst via een website, later via blogger en nu via wordpress.
Natuurlijk was er al IM in de vorm van MSN Messenger. Later kwam daar Skype bij.
De laatste twee jaar is er echter nog een berg aan zaken bij gekomen.
Linkedin, Facebook, Twitter, Last.fm, Flickr.
En dan ben ik nog vrij selectief in het gebruik…

En het is nog niet gedaan.
Het hele sociale web gaat volgens The Next Web nog een serieuze staart krijgen.
Het ding is eigenlijk nog maar net beginnen groeien.
De massa springt er pas sinds kort op als een vlieg op een boke met choco.

En mijn omgeving, die begrijpt dat niet.
Die vatten niet dat iemand hele dagen bezig kan zijn met zaken als Twitter, het lezen van weblogs, het netwerken van socialiteit. Hun goed recht natuurlijk.
En tijdens discussiemomenten als deze durf ik me wel eens de vraag te stellen in welke mate we met z’n allen niet van navelstaarderij aan het doen zijn.

Begrijp me niet verkeerd, maar “de mainstream” doet niet mee aan dingen als Twitter.
Mensen die daar constant mee bezig zijn, hebben vaak de hele dag een internetverbondencomputer ter beschikking. En wie zijn dat? IT’ers, bedienden, hippe vogels en studenten.
Volgens mij niet echt de doorsnede van de maatschappij.

Maar ook tijdens die discussiemomenten, bedenk ik bij tijden dat het eigenlijk wel cool is om deel uit te maken van een klein (nu ja) groepje gebruikers.
En dat alles verandert: bloggen is reeds mainstream geworden, iedereen hugged iedereen op facebook en als je niet linkedinned of naymzed ben je een professionele nul.

Jep, web 3.0 wordt een feest!

ITmetafoor

Standard

Als er thuis afgewassen moest worden, deden we altijd een wedstrijdje: wie eerst klaar was, mocht als eerste een dessertje kiezen.
Zoals in elke traditionele vlaamse afwasequipe, had je ook bij ons de afwassers en de afdrogers.
Na een tijdje had ik het door: de afdroger was sowieso altijd reeds bij voorbaat gescheten: je kan nu eenmaal pas afdrogen als het ook afgewassen is.

En vanaf het moment dat ik dat doorhad, heb ik steeds liever afgewassen dan afgedroogd.  Tijdens het afwassen is het helemaal niet zo erg om wat te blijven knoeien en kliederen in het water. Hoe fijn is het niet om met lekker warm en vettig afwaswater rond te draaien in een pot?
Geen seconde wordt er dan gedacht aan de afdroger die bijna nagelbijtend staat te wachten tot die laatste pot uit het water en op het afdruiprek komt.

Dezelfde frustratie van de afdroger, merk ik nu (het duurt altijd een tijdje eer ik iets door heb) bij mezelf en mijn professionele omgeving.
Programmeurs zijn de afwassers van de IT.
Zolang zij zitten te knutselen, is er niets aan de hand. Geen gezaag, geen gezever.
Als er aan een afgewassen stuk ITservies nog wat vuiligheid hangt, wordt het heel eenvoudig door de test engineer van dienst weer in de afwasbak gestopt. En dan begint het gemekker.

De afwasbak zat al vol, het water was al vettig en de druk om snel klaar te zijn was al groot. En nu moet dat herdaan worden. En opnieuw.
En het afdruiprek raakt leeg, de afdroger heeft geen werk meer en begint iets anders te doen. Met de handdoek tikken uitdelen bijvoorbeeld. Dit is vaak ook het moment dat testen pesten wordt.

Tester zonder dagvulling, developper gefrustreerd en het project duurt langer dan gepland…
Klinkt bekend?

Sinds enkele jaren hebben we thuis een afwasmachine.
Benieuwd wanneer die als ITmetafoor kan dienen…

Aprilgrap

Standard

Vanmorgen was ik echt goed gezind.
Het was dan ook 1 april, een mooie dag én mijn opzegperiode begint vanaf vandaag te tellen.
Dat ik na deze week niet meer elke dag naar Nederland mot om den brode, droeg ook bij tot de algehele vreugde.

Mooie liedjes schijnen echter ook in zomeruurse tijdrekening niet lang te duren.
Om half elf komt de manager even langs, vraagt hoe het weekend en de extra verlofdag bevallen zijn en of ik klaar ben voor de week. Ja hoor, laatste dagen en nog eventjes het onderste uit de kan halen zodat we vrijdag klaar zijn.

Ah nee, uw contract wordt nog een week verlengd.
Hahaha, beste 1 aprilgrap in jaren!

Dus niet.
Goe gelachen.
Groen.