Metapraat

Standard

Een doodgewone maandagochtend, ergens in de maand van juni.

Collega: Hoe was het optreden vorige vrijdag?
Mezelf: Huh? Euhm, goed.
Collega: Ja, ik dacht het al.
Mezelf: Hoe dat zo? Was jij er ook misschien? En heb ik u dan per ongeluk over het hoofd gezien? Alvast mijn excuses dan.
Collega: Nee, ik was er niet. Optredens zeggen me niet zoveel: al die mensen, al dat gehos, muziek die veel te luid staat.
Mezelf, erg verbaasd nu: Maar waarom dacht je dan dat ik het er goed had? Ik heb je sinds vrijdagmiddag toch niet meer gezien?
Collega: Nee, maar ik las het op je blog. En op Twitter. En je Facebookstatus sprak ook boekdelen. En nog bedankt trouwens: die links op je Myspace account hebben me plots een heel ander beeld doen vormen over muziek.

Ik stond versteld.
Hoewel ik nog niets verteld had, wist mijn collega toch hoe enorm ik mezelf had vermaakt.
Het is niet de eerste keer dat me dat overkomt: steeds vaker hoor ik “Ja, ik weet het”. Niet dat ik het dan al gezegd heb, nee dat niet.

Er wordt tegenwoordig niet zoveel meer gezegd.
Toch niet om een boodschap over te brengen.
Er wordt wel veel meer gemetazegd.
Gezegd over wat reeds elders werd gecommuniceerd.

Vanaf nu is mijn vraag dan ook niet meer: “Had ik dat al gezegd?”, maar wel “Ahzo, mijn eerdere communicatie heeft haar doel niet gemist.”.

Metacommunicatie, bloggen, twitteren, socialmedialiseren: ik ben er fan van.

Leave a Reply

Your email address will not be published.